Abortus

Soms kunnen persoonlijke of medische omstandigheden aanleiding zijn om de zwangerschap af te breken. Dit wordt ook wel curettage of abortus genoemd. Abortus wordt doorgaans beschouwd als een heftige beslissing waar veel zaken bij komen kijken. Hoe zit het bijvoorbeeld met de privacy, kosten en de eventuele risico’s?

Wat is abortus?

Als uw zwangerschap ongewenst is, kunt u ervoor kiezen deze af te breken. Dit wordt ook wel ‘vrijwillige abortus’ genoemd. De zwangerschap kan ook op medische gronden worden afgebroken, bijvoorbeeld als er sprake is van een miskraam, of als uit de 20-weken echo blijkt dat het kindje na de geboorte niet levensvatbaar zou zijn. Dit wordt ook wel ‘abortus op basis van een medische indicatie’ genoemd.

Abortus is alleen mogelijk als u minder dan 24 weken zwanger bent. De meeste artsen hanteren echter een grens van 22 weken. Het afbreken van de zwangerschap mag overigens alleen in overleg gebeuren. Een arts mag de ouders nooit tot abortus dwingen.
 

Besluitvormingsgesprek

Als u (extra) begeleiding wilt hebben bij het nemen van een beslissing over het afbreken van de zwangerschap, dan kunt u een besluitvormingsgesprek aanvragen bij een gespecialiseerde instelling. Een specialist kan u dan meer vertellen over de keuzemogelijkheden en eventuele vervolgstappen.
 

Abortus methoden

Als u besluit de zwangerschap niet uit te dragen, zijn er verschillende manieren om de zwangerschap af te breken. De methode die wordt gebruikt is afhankelijk van hoelang u zwanger bent.
 

Overtijdsbehandeling

De overtijdsbehandeling kan worden uitgevoerd als u minimaal 12 dagen en maximaal 16 dagen overtijd bent. Een verpleegkundige zal nagaan of u daadwerkelijk binnen de termijn van 12 en 16 dagen valt. Tijdens de behandeling zal de baarmoedermond worden verdoofd, en wordt het vruchtblaasje verwijderd. Bij het verwijderen van het vruchtblaasje kunt u pijn ervaren die vergelijkbaar is met menstruatiepijn. Na 3 weken wordt gecontroleerd of de behandeling is geslaagd.
 

Medicamenteuze curettage

Tot 8 weken na het begin van de laatste menstruatie, kan de zwangerschap worden afgebroken door middel van medicamenteuze abortus (ook wel ‘abortuspil’ genoemd). Bij deze behandeling krijgt u twee medicijnen: een medicijn dat het zwangerschapshormoon blokkeert en tweede medicijn dat de zwangerschap beëindigt.
 

Zuigcurettage

Tot 13 weken na het begin van de laatste menstruatie, kan de zwangerschap worden afgebroken door middel van zuigcurettage. Deze behandeling duurt ongeveer 10 minuten en wordt uitgevoerd door een abortusarts in samenwerking met één of twee verpleegkundigen. Houd er rekening mee dat de baarmoeder na de ingreep kan gaan samentrekken. Hierdoor kunt u pijn ervaren die te vergelijken is met menstruatiepijn. Net als bij gewone menstruatie kan de pijn enkele dagen aanhouden en gepaard gaan met bloedverlies.
 

Instrumentele curettage

Bij zwangerschappen vanaf 13 weken na het begin van de laatste menstruatie, kan de zwangerschap worden afgebroken door middel van instrumentele abortus. Deze behandeling duurt ongeveer 30 minuten en wordt uitgevoerd door een abortusarts in samenwerking met één of twee verpleegkundigen. Houd er rekening mee dat u tijdens en na de ingreep pijn kunt ervaren die te vergelijken is met (hevige) menstruatiepijn. Net als bij gewone menstruatie kan de pijn enkele dagen aanhouden en gepaard gaan met bloedverlies.
 
Termijnen abortusbehandelingen

AbortusbehandelingTermijn
Overtijdsbehandeling2 tot 3 weken zwanger
Medicamenteuze curettage (abortuspil)Tot 8 weken zwanger
ZuigcurrettageTot 13 weken zwanger
Instrumentele currettage13 tot 24 weken zwanger

 

Verdoving

Wanneer u een abortusbehandeling ondergaat, kunt u kiezen uit twee soorten verdoving: plaatselijke verdoving of algehele verdoving. Bij plaatselijke verdoving krijgt u plaatselijk verdovingsvloeistof toegediend. In de meeste gevallen krijgt u een aantal injecties rond de baarmoedermond toegediend.

Algehele verdoving kan op twee manieren tot stand worden gebracht: door middel van sedatie of algehele anesthesie. Bij sedatie krijgt u een rustgevend middel in combinatie met een sterke pijnstiller toegediend, die ervoor zorgen dat u in een soort roes komt (u wordt in een korte slaap gebracht). Bij algehele anesthesie wordt u door een anesthesioloog volledig onder narcose gebracht (u wordt in een diepe slaap gebracht). Bij zowel sedatie als algehele anesthesie geldt dat u niets van de behandeling voelt. Bovendien zult u zich naderhand weinig tot niets van de behandeling herinneren.

Bij algehele verdoving (sedatie of algehele anesthesie) dient u nuchter op de afspraak van de behandeling te verschijnen. Dit betekent dat u vanaf 6 uur voor de behandeling niets meer mag eten. U mag tot 2 uur voor de behandeling nog wel heldere vloeistoffen drinken, zoals thee, water of appelsap. Het is echter aan te raden niet teveel te drinken. U loopt tijdens de behandeling namelijk het risico dat uw maaginhoud terugloopt in uw keel en zo in uw luchtpijp terechtkomt. Dit kan serieuze complicaties veroorzaken. Na behandeling onder algehele anesthesie moet u doorgaans iets langer in de kliniek blijven om bij te komen. Bij sedatie wordt u over het algemeen sneller naar huis gestuurd. Bij zowel sedatie als algehele anesthesie geldt dat u na de behandeling niet meer mag autorijden of fietsen – dit mag pas weer op de volgende dag. Het wordt daarnaast sterk afgeraden alleen met het openbaar vervoer naar huis te reizen.
 

Risico’s

Bij abortus is er altijd een kans dat de behandeling niet in één keer slaagt. Met name wanneer de zwangerschap zich nog in een zeer vroeg stadium bevindt, en de zwangerschapsvrucht nog erg klein is, kan het gebeuren dat het vruchtzakje bij de behandeling wordt gemist. Om deze reden vindt er 2 tot 3 weken na de behandeling altijd een nacontrole plaats. Als uit deze controle blijkt dat u nog steeds zwanger bent, zal de abortusbehandeling opnieuw moeten worden uitgevoerd.

Hoewel de kans op complicaties na een abortus heel klein is, bestaat er een kans op infectie. Om dit te voorkomen krijgt u van de kliniek twee azitromycine (antibioticum) pillen, of een alternatief antibioticum als azitromycine voor u niet geschikt is.

Een ander risico bij abortus, is langdurig bloedverlies na de behandeling. Dit risico is zowel bij medicamenteuze curettage (de abortuspil) als bij zuigcurettage aanwezig. U kunt last krijgen van langdurig bloedverlies en heftig navloeien als er weefsel in de baarmoeder is achtergebleven. Over het algemeen zal uw lichaam het achtergebleven weefsel vanzelf afstoten. Als dit niet gebeurt, moet er een nabehandeling plaatsvinden om het achtergebleven weefsel alsnog te verwijderen.

In tegenstelling tot wat veel mensen denken, leidt een abortusbehandeling niet tot onvruchtbaarheid. De kans op een zwangerschap is na een abortus even groot als de kans op een zwangerschap wanneer u geen abortus ondergaat. Complicaties voor of na de abortus kunnen de kans op verminderde vruchtbaarheid of onvruchtbaarheid echter vergroten. Meestal wordt onvruchtbaarheid na een abortus veroorzaakt door een infectie achteraf. Om dit te voorkomen dient u na de abortusbehandeling het antibioticum azitromycine te nemen. Wanneer azitromycine voor u niet geschikt is, ontvangt u een ander antibioticum.
 

Klachten

De klachten die u na een abortus ervaart zijn doorgaans vergelijkbaar met menstruele pijn. Zo kunt u bijvoorbeeld last hebben van buikkrampen en/of bloedverlies. Na ongeveer 4 tot 7 dagen kan de pijn en het bloedverlies eerst heviger worden, maar zal daarna geleidelijk afnemen. Bruinkleurige afscheiding betekent meestal dat het bloedverlies bijna ten einde is. Als u na de abortusbehandeling langer dan een dag last heeft van meer dan 38° koorts en buikpijn, kan er sprake zijn van een infectie. U dient dan zo snel mogelijk contact op te nemen met uw huisarts of de betrokken abortuskliniek. U kunt een infectie voorkomen door minimaal 2 weken na de abortus geen tampons te gebruiken, geslachtsgemeenschap te hebben en niet te baden of te zwemmen (douchen mag overigens wel).

Bij abortus wordt de zwangerschapsvrucht uit de baarmoeder verwijderd. U bent dan niet meer zwanger, maar u heeft tot 3 weken na de abortus nog wel zwangerschapshormonen in uw lichaam. Dit betekent dat zwangerschapstesten tot 3 weken na de abortus een positieve uitslag kunnen geven. Ongeveer 3 weken na de abortus vindt er een nacontrole plaats bij de betrokken abortuskliniek of bij uw huisarts. De nacontrole kan in sommige gevallen ook telefonisch plaatsvinden. Wanneer de abortusbehandeling niet tot beëindiging van de zwangerschap heeft geleid, moet de behandeling opnieuw worden uitgevoerd.
 
Kans op mislukken van de abortus

AbortusbehandelingKans op mislukking
OvertijdsbehandelingMinder dan 1%
Medicamenteuze curettage (abortuspil)1% tot 4%
ZuigcurrettageMinder dan 1%
Instrumentele currettageMinder dan 1%

 
Ongeveer 4 tot 6 weken na de abortus volgt de eerste menstruatie. Het kan voorkomen dat de menstruatie na de abortus afwijkt van uw normale patroon. Bovendien kunt u in het begin last hebben van een onregelmatige menstruatiecyclus. Na enkele maanden zal deze echter weer stabiliseren. Mocht u lang last houden van een onregelmatige menstruatiecyclus, dan is het raadzaam contact op te nemen met uw huisarts.
 

Emoties

Het afbreken van een zwangerschap is voor veel mensen geen makkelijke beslissing. Naast opluchting, kan abortus ook een schuldgevoel, schaamte of zelfs spijt met zich meebrengen. Wanneer deze gevoelens niet vanzelf over gaan, is het raadzaam tijdig contact op te nemen met de betrokken huisarts of kliniek. Zij kunnen u advies geven en eventueel doorverwijzen naar een instelling die u op emotioneel vlak verder kan helpen.
 

Anticonceptie

Als u na de abortus (voorlopig) niet zwanger wilt worden, zijn er verschillende maatregelen die u kunt treffen om een zwangerschap te voorkomen.
 

Spiraaltje

Bij de meeste (abortus)klinieken heeft u doorgaans de mogelijkheid om direct na de behandeling een spiraaltje te laten plaatsen. Een voordeel hiervan is dat u geen aparte afspraak hoeft te maken voor het plaatsen van een spiraaltje. Een nadeel is echter dat u meer last kunt krijgen van hevige krampen en bloedverlies.
 

Implanon

Bij de meeste (abortus)klinieken heeft u ook de mogelijkheid om direct na de behandeling een zogenaamde ‘implanon’ te laten plaatsen. Dit is een klein staafje van ongeveer 4 centimeter lang en 2 millimeter dik en bevat het hormoon ‘progestageen’. Dit hormoon blokkeert de afgifte van de natuurlijke hormonen in het hersenaanhangsel (de zogenoemde ‘hypofyse’) die nodig zijn om de eierstokken te stimuleren een rijpe eicel te produceren. Omdat er geen vruchtbaar eitje vrijkomt kan er geen bevruchting plaatsvinden. Door het progestageen wordt de samenstelling van het baarmoederhalsslijmvlies bovendien zodanig veranderd dat de baarmoederhals niet meer toegankelijk is voor zaadcellen. Een arts zal het staafje door middel van een injectienaald onder de huid van de bovenarm inbrengen.
 

Sterilisatie

Naast tijdelijke anticonceptie maatregelen, kunt u ook kiezen voor sterilisatie. Dit is een permanente maatregel, wat inhoudt dat u na de behandeling nooit meer zwanger kunt worden. Omdat de behandeling niet kan worden teruggedraaid, is het van groot belang om een weloverwogen beslissing te nemen, waarbij u de voor- en nadelen van sterilisatie tegen elkaar afweegt. Als u twijfels heeft of als u meer informatie wilt ontvangen, kunt u contact opnemen met een gespecialiseerde instelling, zoals een CASA kliniek (Centrum voor Anticonceptie, Seksualiteit en Abortus).
 

Anticonceptiepil

Een veel voorkomende anticonceptiemethode is de anticonceptiepil (ook wel ‘de pil’ genoemd). Als u na de abortus de anticonceptiepil wilt gaan gebruiken, dan kunt u daar nog dezelfde dag mee beginnen. De pil biedt dan gelijk goede bescherming en heeft bovendien als voordeel dat u na de abortus gelijk een regelmatige menstruatiecyclus heeft.
 

Kosten

De vergoedingsvoorwaarden van abortus verschillen per ‘soort’ abortus. Zo worden kosten van vrijwillige abortus vergoed vanuit de basisverzekering, maar is wel het eigen risico van toepassing. Voor vrijwillige abortus hoeft echter geen eigen bijdrage te worden betaald. De kosten van abortus op basis van een medische indicatie worden geheel door de basisverzekering vergoed. U hoeft dan ook geen eigen risico of eigen bijdrage te betalen. Wie geen basisverzekering heeft, moet de kosten van de behandeling zelf betalen.
 

Privacy

Wanneer u een afspraak wilt maken voor een eerste abortusbehandeling dient u zich te legitimeren bij de betrokken zorginstelling (abortuskliniek). Uw persoonlijke gegevens zijn dan alleen toegankelijk voor de betrokken zorgverlener(s). Deze gegevens zullen niet aan derden worden verstrekt. Zelfs als er iemand naar de kliniek belt om naar u te vragen, zal er niet worden gezegd of u er bent. Wanneer u de abortusbehandeling in een kliniek ondergaat, is het gebruikelijk dat u na de behandeling een brief voor de huisarts met meer informatie over de nazorg mee naar huis krijgt. Mocht u dit liever niet willen, dan wordt uw huisarts niet geïnformeerd. De nacontrole, die na 2 tot 3 weken na de abortus plaatsvindt, kan bij de huisarts of de betrokken kliniek worden uitgevoerd. In sommige gevallen kan de nacontrole ook telefonisch plaatsvinden.